Financiële vertaling op weg naar de programmabegroting

1. Inleiding

In het vorige hoofdstuk hebben we onze financiële positie uitgebreid toegelicht. In dit hoofdstuk geven we aan hoe we hier richting de programmabegroting mee om willen gaan en hoe we omgaan met nieuwe ambities.

2. Onzekerheden financiële positie

De conclusie uit het vorige hoofdstuk is dat we in de jaren 2017 tot en met 2020 tekorten hebben. Dit komt vooral door de effecten vanuit de meicirculaire. We hebben in dit hoofdstuk ook aangegeven dat er nog veel onzekerheden in onze financiële positie zitten. Richting de programmabegroting 2017-2020 gaan we er vanuit dat de financiële positie verbetert. De belangrijkste onzekerheden gaan over:

Wijzigingen van de verslagleggingsvoorschriften (BBV)
Vanuit de wijzigingen van de verslagleggingsvoorschriften verwachten we dat er richting de programmabegroting 2017-2020 financiële voordelen ontstaan. Dit komt onder andere door:

  • Rentevoordelen: door de verlaging van de rente worden nieuwe geplande investeringen goedkoper. Grote nieuwe investeringen die in de begroting verwerkt zijn, zijn met name de investeringen uit het MIP (Meerjarig Investeringsprogramma voorzieningen, € 18,5 miljoen) en het stadscentrum (€ 8 miljoen). Door verlaging van de rekenrente van 4,5% naar 2% verwachten we dat het tekort in 2020 aanzienlijk lager wordt.
  • Activeren van investeringen in de openbare ruimte: een deel van de huidige uitgaven voor de openbare ruimte moeten we gaan activeren. Dat betekent voor de eerste jaren een incidenteel voordeel. Richting de programmabegroting doen we een voorstel hoe we hiermee omgaan (welk bedrag dit is en wat we ermee kunnen doen).

Het is op dit moment (nog) niet mogelijk om concrete bedragen te noemen omdat we alle wijzigingen in de voorschriften integraal gaan uitwerken in de programmabegroting. Naast deze wijzigingen zijn er namelijk nog meer wijzigingen die effect kunnen hebben. Wel schatten we in dat de tekorten hierdoor aanzienlijk lager worden.

Groot onderhoud gemeentefonds
Uit de analyse van de meicirculaire blijkt dat de landelijke discussie over een herverdeling van het gemeentefonds nog niet is afgerond. Deze herverdeling is het gevolg van groot onderhoud aan het fonds. In 2015 is de tweede fase van het groot onderhoud in principe afgerond. We hebben de effecten in de programmabegroting 2016-2019 verwerkt. Dit met uitzondering van het cluster Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing. Over de herverdeling hiervan zijn landelijke discussies ontstaan. Daarom is toen besloten om de nieuwe verdeling in 2016 voor 33% in te voeren en ondertussen aanvullend onderzoek te doen. Dit onderzoek is uitgevoerd, maar als gevolg van de grote herverdeeleffecten is besluitvorming uitgesteld tot de septembercirculaire 2016. Wij zijn bij dit onderdeel een voordeelgemeente. Als de resterende herverdeling doorgaat krijgen we nog extra geld. Het gaat mogelijk om een bedrag van € 0,5 miljoen (ruwe inschatting).

Septembercirculaire
De meicirculaire kent een grillig verloop en kent ook bijzonderheden (deze zijn toegelicht in bijlage 1). - Dit grillige verloop en de bijzonderheden kunnen als gevolg hebben dat de septembercirculaire er weer anders uitziet.

Conclusie

De financiële positie laat vanaf 2017 tekorten zien. Hierin zitten nog een aantal onzekerheden. Deze pakken voor ons waarschijnlijk voordelig uit. We verwachten daarom dat het tekort in 2020 kleiner wordt en dat we hiermee een evenwichtige begroting kunnen opstellen. De onzekerheden zorgen er waarschijnlijk ook voor dat de tekorten in de tussenliggende jaren kleiner worden.

3. Vasthouden aan uitgangspunten

Om tot een sluitende (meerjaren)begroting te komen willen we vasthouden aan de volgende belangrijke uitgangspunten:

  • Nieuwe bezuinigingen willen we zoveel mogelijk vermijden.
  • De OZB-verhoging blijven we koppelen aan de inflatie. Overigens stijgt in 2017 het tarief voor woningen met ongeveer 9% extra en verlagen we de afvalstoffenheffing met hetzelfde bedrag.
  • Geld dat we van het Rijk krijgen voor het sociaal domein blijven in het sociaal domein. Dit is voor 2017 leidend, waarbij het ontschotten van budgetten wel een optie is.

4. Eerder ingezette ambities

Deze kadernota gaat door op de koers die we bij de kadernota 2016-2019 en de programmabegroting 2016-2019 hebben ingezet. In deze programmabegroting hebben we structureel € 2,6 miljoen uitgetrokken voor nieuw beleid. De belangrijkste ambities waar we toen geld voor beschikbaar hebben gesteld zijn:

+ is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten
- is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten
bedragen x € 1.000

Omschrijving

2016

2017

2018

2019

2020

Innovatiebeleid huishoudelijke verzorging

300

150

150

150

150

Transformatie Wmo

500

500

Kwetsbare jongeren

200

200

200

Ontwikkeling stadscentrum

1.500

0

0

0

Impuls stadscentrum

0

0

650

650

650

Impuls duurzaamheid

100

Impuls bomenbeleid

75

Investeringen maatschappelijke voorzieningen (MIP)

0

10

731

1.219

1.219

Bijdrage aan Agrifood Capital

270

270

270

270

Inzet algemene reserve voor centrum

-1.500

Overige posten

808

535

491

300

300

Totaal nieuw beleid begroting 2016-2019

1.983

1.665

2.492

2.589

2.589

Deze ambities blijven de komende jaren bepalend voor de uitvoering van het coalitieprogramma.

5. Prioritering nieuwe ambities richting programmabegroting

Zoals we hiervoor al hebben aangegeven is de financiële positie erg in beweging. Richting de programmabegroting krijgen we hier meer duidelijkheid over. Daarom hebben we ervoor gekozen erg kritisch te zijn met het beschikbaar stellen van geld voor ambities. We hebben onze ambities geprioriteerd. We willen vooral inzetten op de volgende hoofdthema’s:

  • Sociaal domein
  • Stadscentrum
  • Duurzaamheid
  • Maatschappelijke voorzieningen
  • Economie en arbeidsmarktbeleid

In de volgende tabel geven we per hoofdthema een overzicht van de financiële vertaling van de ambities:

+ is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten
- is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten
bedragen x € 1.000

Progr.

Omschrijving

2016

2017

2018

2019

2020

Thema Sociaal domein

1

Meer variatiemogelijkheden in oplossingen

0

In het eerste transitiejaar is gebleken dat de rijksbudgetten toereikend waren om de zorg te continueren. Er zijn zelfs overschotten. Dit geeft ruimte om versneld te investeren in de kanteling, in nieuwe aanpakken dicht bij huis. Bijvoorbeeld door de ontwikkeling van collectieve voorzieningen, investeren in mantelzorg en vrijwilligers en het versterken van de sociale teams zodat daar meer ondersteuningsvragen opgelost kunnen worden. En in innovatie, bijvoorbeeld door de lessen uit het IPW-project te vertalen in (nieuwe) activiteiten of aanpakken. Daarnaast zien we mogelijkheden om witte vlekken in het grensvlak met andere sectoren als re-integratie en wonen met zorg op te pakken. Zo maken we de aanpak van zorg en welzijn duurzamer en toekomstbestendig. In de programmabegroting zullen we daar voorstellen voor doen.

1

Opvang van vluchtelingen en vergunninghouders

PM

PM

Het plaatsen van vergunninghouders brengt op tal van terreinen kosten met zich mee. Daarbij valt te denken aan extra kosten voor vluchtelingenwerk, sociale uitkeringen, bijzondere bijstand en minimabeleid, maatschappelijke begeleiding en interne kosten. Op basis van het onderhandelingsakkoord met het Rijk krijgen gemeenten diverse vergoedingen. De vergoedingen worden verdeeld via de methodiek 'geld volgt vergunninghouder'. In de septembercirculaire van het gemeentefonds wordt meer bekend over de rijksbijdragen. Wat de financiële consequenties voor ons zijn is dus nog niet bekend. Vooralsnog nemen we geen bedrag op: we volstaan met een PM-raming.

Thema Stadscentrum

7

Extra storting reserve stadscentrum

400

We willen € 400.000 extra in de reserve stadscentrum storten. Dit geld kunnen we uit de algemene reserve halen. Daarmee willen we vanaf 2018 de Taskforce voor het centrum nog minimaal drie jaar ondersteunen (ongeveer € 75.000 per jaar).
In de programmabegroting 2016-2019 hebben we een eenmalig budget beschikbaar gesteld voor investeringen in het centrum. Investeringen in het stadshart blijven nodig om de doelstellingen te halen. We zetten het gevelverbeteringsproject door, we hebben extra aandacht voor het transformeren van de aanloopstraten en de inrichting van de openbare ruimte, en we ondersteunen initiatieven van ondernemers zoals couleur locale, monitoren passanten, Wifi etc..
Naast extra geld voor de Taskforce willen we ook extra geld beschikbaar stellen voor het subsidiëren van Winterland en Living Statues. Dit zijn bewezen succesvolle evenementen. We kiezen hierbij voor een looptijd van drie jaar. Dat doen we omdat in de voorjaarsnota 2014 het evenementenbudget al structureel met € 140.000 verhoogd hebben en dat we na drie jaar willen kijken of Winterland en Living Statues in dit totale evenementenbudget opgenomen kunnen worden.

7

Centrum Management Oss (CMO)

40

40

40

40

Het is gewenst de jaarlijkse bijdrage aan het Centrummanagement met € 40.000 te verhogen.
De inkomsten van het Centrummanagement lopen sterk terug als gevolg van leegstand van grote panden en het compact maken van het centrum. Hierdoor past een aantal zaken niet meer in hun begroting. Denk daarbij aan subsidie voor evenementen, graffitibestrijding en hanging baskets.

7

Aanpassingen Oostwal

400

Voor de herontwikkeling van het sheddakencomplex zijn aanpassingen nodig om een veilige en aantrekkelijke looproute langs het complex te maken. De eenmalige kosten hiervan schatten we op € 400.000. Dit bedrag halen we uit de algemene reserve.
Gezien de huidige financiële positie kennen we op dit moment geen hoge prioriteit toe aan de verdere uitwerking van de visie 'Oss Avenue'. Wel willen we vanuit de reserve mobiliteit kijken naar het verbeteren van de verkeersveiligheid bij de oversteekplaatsen aan de Raadhuislaan.

Thema Duurzaamheid

3

Verduurzaming gemeentelijk vastgoed

66

98

145

We gaan een start maken met het verduurzamen van onze vastgoedportefeuille. Daarvoor willen we voor het MIP 2016-2019 structureel € 145.000 beschikbaar stellen. We verhogen de huidige investeringsbedragen vanuit het MIP 2016-2019 met € 3,2 miljoen (inclusief MFA Lith). Deze extra investering betekent een extra jaarlijkse last van € 145.000 structureel.
Voor onze eigen gebouwen weten we dat het energiezuinig maken niet binnen de bestaande budgetten past. Afhankelijk van de te kiezen aanpak kost dit tot tientallen miljoenen euro’s extra. Dit blijkt uit een eerste analyse. In deze analyse is op basis van kengetallen een indicatie gegeven van het benodigde budget voor verschillende scenario’s. Deze indicatieve investeringsbedragen variëren van € 32,5 miljoen (CO2-neutrale vastgoedportefeuille via zowel gebouwelijke maatregelen als compensatie via duurzame energie-opwekking in 2045) tot € 77 miljoen (CO2-neutrale vastgoedportefeuille, voornamelijk via gebouwelijke maatregelen). In de aankomende periode stellen we samen met de raad via verschillende scenario’s onze ambitie, de uitvoering en de hiermee gepaarde kosten vast. Wel gaan we alvast een goede start maken met het verduurzamen van onze vastgoedportefeuille door alle nieuwbouw- en renovatieprojecten, waarvoor in de MIP budgetten zijn geraamd, CO2-neutraal te realiseren.

5

Bomenbeleid

210

Om aan onze ambitie op het gebied van bomen te kunnen voldoen willen we het beschikbare bedrag in 2017 met € 210.000 verhogen. Dit halen we uit de algemene reserve.
In de programmabegroting 2016-2019 is € 75.000 vrijgemaakt voor prioriteiten uit het bomenbeleid. Na de vaststelling van de richtlijn ‘Hinder en overlast' en het boomstructuurplan kan dit geld besteed worden. De prioriteiten zijn groter dan het beschikbare budget. In 2017 worden concrete opties uitgewerkt en voorgelegd, in combinatie met het lange termijn boomvervangingsplan. Op basis daarvan kunnen aanvullende middelen beschikbaar gesteld worden. Voor een concrete aanpak op korte termijn zijn de probleemsituaties in beeld gebracht en doorgerekend. Het gaat hierbij om de kap van bomen en de vervanging daarvan, inclusief bijbehorend straatwerk. Per gebied is hiernaar gekeken en zijn de probleemstraten geprioriteerd. Het is nodig om het huidige bedrag van € 75.000 te verhogen naar € 285.000 om in 2017 de meest urgente probleemstraten te kunnen aanpakken en omvormen.

7

Ruimte voor duurzaamheid

150

150

We willen een fonds voor duurzaamheid creëren. Voor de jaren 2017 en 2018 storten we hier jaarlijks € 150.000 in. Dit halen we uit de algemene reserve. Het fonds willen we inzetten voor het ondersteunen van concrete initiatieven en projecten. Daarnaast is geld nodig voor het onderzoek naar ruimte voor duurzame energie. Het onderzoek naar locaties voor grootschalige opwekking van energie heeft gevolgen voor het ruimtelijk beleid. Verder vraagt het ambtelijke begeleiding, communicatie, technische onderzoeken e.d..

Thema Maatschappelijke voorzieningen

3

Investeringen maatschappelijke voorzieningen (MIP)

PM

PM

PM

PM

In de programmabegroting 2016-2019 is een investeringsvolume van € 18,5 miljoen voor maatschappelijke voorzieningen opgenomen. In de aankomende begroting actualiseren we het meerjarig investeringsplan (inclusief het jaar 2020) en willen we voor alle vastgestelde voorzieningenkaarten gebiedsbudgetten vaststellen. Dit wordt in principe binnen de bestaande budgetten gerealiseerd.

Thema Economie en arbeidsmarktbeleid

Algemeen

Economie is dynamisch en wordt ‘gemaakt’ door veel verschillende partijen. Dat betekent voor ons vooral kansen creëren, snel inspelen op coalities die ontstaan en onze economische ambities in projecten en activiteiten omzetten. In deze kadernota vertalen we dat in ambities met een directe financiële vertaling en in ambities waarvoor het belangrijk is dat er voldoende geld in de reserve economie zit.

8

Ondersteuning economische speerpunten

165

165

165

165

165

We reserveren jaarlijks € 165.000 voor de ondersteuning van de (door)ontwikkeling van de economische speerpuntsectoren en de netwerkontwikkeling daarbinnen. Aangezien het jaarlijkse kosten zijn willen we deze kosten ook structureel in de begroting ramen. Tot op dit moment werden deze kosten uit de reserve economie betaald. De reserve wordt vervolgens ingezet om concrete projecten te realiseren.
Het jaarlijkse bedrag is bedoeld voor de ondersteuning van 5*logistiek (met een Business developer) en voor diverse onderzoeken, verkenningen en profileringen. Ook ondersteunen we hiermee initiatieven.

8

Inzet reserve economie

PM

PM

PM

Om onze economische ambities te kunnen realiseren willen we de reserve economie inzetten, bijvoorbeeld voor hoger onderwijs in Oss en het Pivot Park.
De reserve economie heeft tot doel projecten en activiteiten te versnellen die een stimulans zijn voor ‘economische innovatie & kennisontwikkeling’ en voor ‘ondernemerschap & nieuwe business initiatieven’ binnen de gemeente. Voor projecten en activiteiten dus die invulling geven aan de ‘Economische ambities Oss’. Om dit doel te kunnen ondersteunen is het wenselijk dat de reserve economie een robuuste omvang heeft. Zaken waar we nu aan denken die wellicht financiële ondersteuning van ons vragen zijn:

  1. Hoger onderwijs in Oss
    Met verschillende onderwijsinstellingen verkennen we de samenwerking in Oss. Het is waardevol dat hoger opgeleide studenten bij Osse bedrijven leer- en werkervaring opdoen. Mogelijk dat zij daarop ook in Oss werk zullen vinden. Voor onze bedrijven is het waardevol om de vernieuwende kennis van onderwijs en studenten op de eigen werkvloer toe te kunnen passen. Er is financiële ruimte nodig om deze samenwerking op gang te brengen en actief te stimuleren.
  2. Pivot Park: ecosysteem
    In 2016 leggen we de gemeenteraad een inhoudelijk voorstel voor over de toekomst van Pivot Park en OLSP Vastgoed. Dat zal vooral gaan over de exploitatie en kosten van het vastgoed. Daarnaast wordt er werk gemaakt van de vorming van de community rondom Pivot Park. Ook wij dragen daaraan bij.

De kosten betalen we uit de reserve economie.

8

Kracht van Oss

300

De Kracht van Oss is voor ons nog steeds erg belangrijk. Daarom willen we hier opnieuw geld voor reserveren, namelijk € 300.000 in 2017. Dit geld halen we uit de algemene reserve.
We onderschrijven de doelen van de Kracht van Oss nog steeds. Deze doelen worden om de twee jaar bijgesteld op basis van de nieuwste inzichten. Met het nieuwe uitvoeringsprogramma New Business krijgt de Kracht van Oss bovendien nog meer uitvoeringskracht en zal aan effectiviteit winnen. De reguliere middelen van de Kracht van Oss zijn nagenoeg op. Daarom willen we opnieuw budget beschikbaar stellen. Vanwege een uitvoeringsorganisatie met extra slagkracht zijn minder reguliere middelen nodig dan bij de vorige aanvraag (deze was in 2011 € 400.000). Onze belangrijkste partner in dit traject, Rabobank Oss/Bernheze, heeft haar bijdrage al met € 270.000 verlengd. Ook van dit geld worden belangrijke projecten ondersteund, zoals Starterssucces Oss, een aantal HAS-onderzoeken, Logistiek Platform Oss (onder andere de Dag van de Logistiek) en de Zomerondernemer, waarin we jongeren in Oss een zomer lang laten ondernemen met een echt eigen bedrijf.

2

Agrifood Capital Werkt!

90

90

90

90

Voor Agrifood Capital Werkt! reserveren we vanaf 2017 een bedrag van € 90.000, zoals besloten in de raadsvergadering van 9 juni.
In de jaren 2013-2015 voerden werkgevers, onderwijsinstellingen en overheden het regionale arbeidsmarktprogramma Noordoost Brabant Werkt! uit. Drie jaar regionaal arbeidsmarktbeleid heeft veel resultaten opgeleverd: meer mensen aan het werk, meer mensen op de juiste plek en meer mensen met een sterkere positie op de arbeidsmarkt. Regionale partners kennen elkaar en werken meer samen. De samenwerkingsovereenkomst loopt nu af. Wel moeten de arbeidsmarktregio’s de komende jaren een aantal wettelijke taken uitvoeren, zoals het Regionaal Werkbedrijf. De partners in de arbeidsmarktsamenwerking hebben uitgesproken het programma te willen doorontwikkelen. Dit heeft geleid tot een nieuwe strategische agenda Agrifood Capital Werkt! 2016-2020. Voor de periode 2017 tot en met 2020 zijn er onvoldoende middelen voor de uitvoering van het programma, de ‘people’ lijn van Agrifood Capital. Agrifood Capital Werkt! vraagt de 17 gemeenten in de arbeidsmarktregio om voor de bekostiging van twee basisactiviteiten te zorgen, namelijk de coördinatie van het Regionaal Werkbedrijf en de continuering van een klein, slagvaardig en faciliterend programmateam. Daarvoor is jaarlijks € 1 per inwoner nodig.

2

Arbeidsmarktbeleid

50

50

Het Actieplan Lokaal Arbeidsmarktbeleid geeft de plannen van het bedrijfsleven, onderwijs en gemeente weer om zoveel mogelijk inwoners aan het werk te krijgen en te houden. Om concrete nieuwe projecten te ontwikkelen is ook een financiële impuls nodig. Voorstellen hiervoor werken we uit. We denken aan projecten gericht op middenbanen, aansluiting op het HBO, experiment Werk en Inkomen, samenwerkingsproject met UWV voor WW-ers (eerder erbij zijn). Voor 2017 en 2018 is een totaalbedrag van € 100.000 nodig. Dit kan betaald worden uit de reserve arbeidsmarktvraagstukken. We hebben dus geen extra budget nodig.

2

- inzet van reserve arbeidsmarktvraagstukken

-50

-50

2

Onderwijsvernieuwing

75

75

Momenteel werken we samen met onze partners de Osse onderwijsvisie en speerpunten uit. Als we op basis hiervan daadwerkelijk ontwikkelingen willen stimuleren en faciliteren is geld nodig. We denken aan € 75.000 voor 2017 en 2018. Bij de uitwerking kijken we of slimme combinaties te maken zijn met de gelden van de Kracht van Oss (de koppeling tussen onderwijs en economie). Bij de programmabegroting komen we met een uitgewerkt voorstel hiervoor.

8

Vrijetijdseconomie

80

Om de vrijetijdseconomie een impuls te geven willen we samenwerking, vernieuwing en kansrijke thema’s stimuleren. Dat doen we onder andere door de informatievoorziening te verbeteren. Een Platform Gastvrij Oss is daarvoor een middel. We willen voor 2017 een eenmalig bedrag van € 80.000 reserveren. Dit komt ten laste van de algemene reserve. Dit geld kan als cofinanciering ingezet worden voor projecten die mogelijk ontstaan om de vrijetijdseconomie en de samenwerking binnen deze sector te bevorderen. We zetten erop in om via efficiencyverbeteringen (op dit moment veel versnippering) kosten te besparen in deze sector waardoor het bedrag van € 80.000 binnen de bestaande budgetten ingepast kan worden.

8

Gebiedsmarketing

PM

PM

PM

PM

Voor gebiedsmarketing zijn, afhankelijk van de te kiezen doelstellingen en aanpak, jaarlijks extra middelen nodig. Op dit moment ramen we hiervoor een PM-post. Naar verwachting is eind 2016 een plan van aanpak klaar voor de invulling hiervan. Afhankelijk van de keuzes ramen we daarna bedragen.

Overige prioriteiten

3

Garantiesubsidie Golfbad

60

60

Het Golfbad krijgt de exploitatie de laatste jaren niet meer rond. Dat lijkt een structureel probleem te worden. Daarom hebben we het Golfbad gevraagd om met een nieuwe meerjarenvisie voor het zwembad te komen. Op basis hiervan kunnen we onze structurele bijdrage opnieuw bepalen. Uitwerking en realisatie zullen naar verwachting enkele jaren in beslag nemen. Tot die tijd hebben we aanvullend een garantiesubsidie nodig om het Golfbad open te kunnen houden. Dit is een bedrag van € 60.000 per jaar (twee jaar).

4

Brandweerkazerne Oss

PM

PM

De kazerne in Oss moet her- of verbouwd worden. De kosten hiervan zijn nog niet duidelijk. Daarom ramen we een PM-post. Er zijn verschillende scenario’s: basisspuithuis, basisspuithuis met werkplaats/logistieke functie, basisspuithuis met kantoor, basisspuithuis met werkplaats/logistieke functie en kantoor. De keuze voor een scenario kan gemaakt worden aan de hand van de nog te vormen regionale visie. De inhoudelijke en financiële keuzes van de scenario’s leggen we in de loop van 2016 in een apart voorstel aan de gemeenteraad voor.
Het gaat om een investering van enkele miljoenen.

6

Investeringen in Diddewerf

PM

PM

PM

In de Diddewerf werken onze afdelingen Afvalinzameling en Uitvoering voor de openbare ruimte. Door groei van de gemeente en verandering van het takenpakket is de personele bezetting groter geworden. Het kantoorgebouw en de werkplaats zijn bovendien beperkt toegankelijk en ze voldoen niet aan de eisen voor arbeidsomstandigheden. Richting de programmabegroting zoeken we uit welke maatregelen minimaal nodig zijn om aan de actuele eisen te voldoen. We ramen hier nu een PM-post voor.

7

Woonwagenbeleid

PM

We actualiseren het huisvestingsbeleid van woonwagenbewoners. Naar verwachting leidt het aangepaste beleid tot hogere kosten. De aanpassing houdt in dat we van afbouw van standplaatsen naar behoud hiervan gaan en locaties mogelijk worden aangepast.

7

Omgevingswet

PM

PM

De invoering van de Omgevingswet is voor grote delen van de organisatie ingrijpend. Naar verwachting leidt de invoering tot hogere kosten. Hoeveel is nog niet duidelijk. Daarom hebben we een PM-post opgenomen. Belangrijk onderdeel hierin is dat we een omgevingsvisie voor Oss moeten opstellen die financiële gevolgen kan hebben.

Onttrekking uit algemene reserve voor incidentele posten

-60

-1.675

-225

Totaal

165

295

361

393

440

6. Conclusie

Per saldo hebben we ambities voor een structureel bedrag van € 440.000. Richting de programmabegroting maken we hier definitieve keuzes in op basis van een dan actueel begrotingsbeeld. Mocht er dan geen financiële ruimte blijken te zijn dan gaan we op zoek naar financiële ruimte binnen bestaande budgetten (nieuw-voor-oud).

Daarnaast hebben we ambities die incidenteel geld kosten. Per saldo gaat het om een bedrag van afgerond € 2 miljoen. Deze incidentele lasten kunnen we afdekken door een onttrekking uit de algemene reserve. Zoals we in het hoofdstuk over de financiële positie hebben aangegeven zit hier € 3 miljoen ruimte in. Het restant van de € 1 miljoen ruimte in de algemene reserve willen we, gezien de onzekere financiële positie en de diverse PM-posten, daarin laten zitten.